Dierenkliniek Vrieselaar

Dierenartsen voor gezelschapsdieren in Lemmer
  0514-564433 (ook bij spoed)

Hoefzweer (pododermatitis) bij paard en pony


Inleiding
Een hoefzweer of pododermatitis is een ontsteking van de hoeflederhuid en komt vaak voor bij het paard.
Een hoefzweer is goed te herkennen, mits een nauwkeurig onderzoek wordt ingesteld.
De behandeling bestaat uit zorgvuldig openleggen en zo goed mogelijk uitvlakken naar de zool, een desinfecerend drukverband en eventueel een tijdelijk beslag.
Er zijn een paar duidelijke voorkeursplaatsen voor ontstekingen van de hoeflederhuid: het verzenengedeelte van de wandlederhuid en de zool- en steunsellederhuid. Minder vaak zie je een hoefzweer in de overige delen van de hoef, zoals de straal.

ontsteking kroonrand paard hoefzak paard met desinfectans anatomie hoef paard tekening
Foto links: een ontsteking naar de kroonrand
Foto midden: een verband met een desinfecterende oplossing is aangebracht om de wond enkele dagen te laten 'uittrekken'. Het verband wordt beschermd door een hoef-klauwzak
Foto rechts: anatomie van de hoef


Indeling van hoefzweren
Een hoefzweer kan worden ingedeeld naar:
1. De oorzaak van het proces. Er is een septische hoefzweer (door bacteriën veroorzaakt, zoals bij vernageling of nageltred) en we kennen een aseptische hoefzweer (zonder dat er bacteriën aan te pas komen, bijvoorbeeld door een vergiftiging).
2. Het verloop van het proces. Daarbij onderscheiden we een acute of een chronische pododermatitis.
3. De uitbreiding van het proces: een oppervlakkige of een diepe zweer, en een diffuse (uitgebreide) of een lokale pododermatitis.
4. Het exsudaat (= ontstekingsvocht).
Bij aseptische (zonder bacteriën) hoefzweren zie je wei-achtig, gelatineus of bloederig vocht. Bij septische ontstekingen (dus met bacteriën) zie je doorgaans etterig vocht (pus).


Oorzaken en verloop
Vaak wordt gedacht dat hoefzweren ontstaan door het trappen ineen scherp voorwerp (nageltred of vernageling), maar dat is maar zelden het geval.
Bijna altijd is de oorzaak opkruipend vuil of steentjes in de niet-vaste, zogenaamde witte lijn.
Een andere oorzaak van een hoefzweer kan de circulatie in het bloed van toxinen (gifstoffen) zijn, zoals bijvoorbeeld bij hoefbevangenheid.
In de paardenhouderij zie je vaak ander strooisel dan stro. Op stallen waar turf, erg fijne houtkrullen of houtzaagsel worden gebruikt, zie je vaker hoefzweren dan wanneer stro wordt toegepast. Als deze materialen vochtig worden, is de kans op een hoefzweer nog groter.
Vochtig zaagsel en turf plakken aan de zool en worden ingestampt in de zachte poreuze hoorn van de witte lijn. De kleine gaatjes worden er zó vast mee volgepropt, dat de hoeflederhuid ontstoken raakt en dat de ontsteking geen uitweg naar onderen kan vinden. De ontsteking breidt zich dan uit naar de zachte delen binnen de hoornschoen.
Als een hoefzweer oppervlakkig is en gemakkelijk een uitweg naar buiten en naar onderen kan vinden is er van kreupelheid geen of nauwelijks sprake. Bij hoefzweren in de weke, elastische verzenen-wand is dat een normaal verloop.
Als het ontstekingsproces uitbreidt, zal het vocht zich namelijk een uitweg zoeken: naar boven of naar onderen.
Als de ontsteking geen uitweg naar onderen kan vinden, worden er hoger gelegen plekken van de hoeflederhuid aangetast. Dit resulteert in een doorbraak aan de kroonrand.
De kleur van het ontstekingsvocht is onder meer afhankelijk van de mate waarin pigmentcellen in het ontstekingsproces betrokken zijn. Het exsudaat wordt hierdoor namelijk grijsgrauw tot zwart.

Verschijnselen
De klassieke verschijnselen van een ontsteking (roodheid, zwelling, verhoogde temperatuur, pijnlijkheid en verminderde functie) zijn bij een hoefzweer niet altijd duidelijk zichtbaar, omdat het proces zich immers binnen de hoefschoen afspeelt. De pijnlijkheid leidt soms tot kreupelheid.
Tijdens het ontstekingsproces kan de kreupelheid variÎren. Soms is een paard met een hoefzweer dagen tot weken rad. Uiteindelijk vindt een hoefzweer soms pas na maanden een uitweg, hetzij naar onderen (eventueel met wat deskundige hulp van de hoefsmid of de dierenarts), of naar de kroonrand (meestal zonder hulp...).
In dergelijke gevallen wordt het paard nogal eens verdacht van hoefkatrol, bevangenheid of een pees- of peesschedeontsteking, en daarvoor soms onterecht behandeld met allerlei smeersels of antibiotic.
De symptomen van een typische hoefzweer zijn niettemin meestal erg duidelijk. Het paard is steenkreupel. Afhankelijk van de plaats van de ontsteking in de hoef zijn er verschillen in het kreupel gaan. Dat laatste geeft dus dikwijls al een indicatie waar de hoefzweer zit.

• Bij een ontsteking in het verzenen- of steunselgebied (links en rechts) wordt het been in stap normaal naar voren gebracht. De hoef wordt echter niet meer neergezet waar hij neer zou moeten komen. Op het laatste moment wordt de hoef iets teruggebracht neergezet om de verzenen minder te belasten. Door het paard in stap links- en rechtsom op de volte te laten lopen weten we in veel gevallen meteen of de ontsteking aan de binnen- of buitenkant van de verzenen of steunselzool zit. Het belasten is bij deze hoefzweren pijnlijk en daardoor is de belastingsduur verkort.

• Bij een hoefzweer in het toongedeelte (het voorste gedeelte van de hoef) geeft erge kreupelheid. Vaak staat het paard op drie benen, waarbij hij het aangetaste been laat hangen op de punt van de toon.

Diagnose

Elke ontsteking gaat gepaard met zwelling, maar omdat er in de hoef geen ruimte is, zoekt de zwelling zich bij veel gevallen van pododermatitis een uitweg hogerop. Daarbij kan een voorbeen 'oplopen' tot op de voorknie en achter tot en met het spronggewricht. Dergelijke patiënten worden dan vaak verdacht van het hebben van een pees- of peesschedeontsteking en daarvoor ook behandeld.
Ontstekingen in het toongedeelte gaan zelden gepaard met zwelling van het onderbeen, vandaar dat zulke paarden nogal eens worden verdacht van hoef-, koot- of kroonbeenfracturen. Een hoger in de toon gelegen ontsteking is lastig vast te stellen met percussie (kloppen met een hamer) en visitatie (knijpen met een tang).
Een nauwkeurig onderzoek houdt in:
1. Zorgvuldige aftasten op warmte en pijn, zwelling en pulsatie (= kloppen) van de gehele kroonrand, koot en zonodig hoger gelegen delen van het been.
2. Visitatie (knijpen met de tang) van de gehele zool, de steunsels en de straal.
3. Percussie (kloppen met een hamertje) van de totale hoornwand en de zool.

Bij twijfel of vage verschijnselen kan de dierenarts stapsgewijs gedeelten vande hoef en de ondervoet verdoven (anesthesieën) om de plaats van het ongemak te bepalen.
Eventueel kan röntgenonderzoek plaatsvinden, mede om een botbreuk (bijvoorbeeld van het hoefbeen) uit te sluiten.

Behandeling
Op zich is de behandeling van een hoefzweer eenvoudig: goed openleggen en zo goed mogelijk uitvlakken naar de zool. Meestal is dat voldoende omhet ontstekingsvocht te lozen. Soms wordt bij het openleggen van een zweer de draagrand weggehakt, zeker als het proces daarbij dicht in de buurt komt. Wees daar voorzichtig mee: de draagrand moet zoveel mogelijk gespaard worden.
Af en toe, vooral bij de hogerop gelegen ontstekingen in het toonwandgedeelte, is het zinvol een drain (afvoerslangetje of -gaasje) door de toonhoornwand aan te leggen. Daarbij moet met een röntgenfoto eerst de plaats van de ontsteking worden gelokaliseerd.

Verband
Na het vrijleggen van de ontsteking of na een spontane doorbraak naar de kroonrand is het belangrijk de wond enkele dagen 'uit te trekken'. Dat betekent een verband met een desinfecterende oplossing, zoals betadine.
Bij diepe pododermatitiden dient het verband niet alleen desinfecterend te zijn, maar fungeert tevens als drukverband om uitpuilen van de lederhuid te voorkómen. Het verband kan worden beschermd door bijvoorbeeld een hoef-klauwzak of een zogenaamde 'easy-booth'. Knoop de hoefzak niet te vast, anders bestaat er kans op mok. Dagelijks verversen van het verband is nodig.
Een hoefzweer laten rijpen in lijnzaadpap of lijnzaadslijm is geen goede therapie. De ontsteking zal zich hierdoor alleen maar uitbreiden. Laten rijpen heeft alleen zin als de ontsteking op doorbreken staat aan de kroonrand, als de ontsteking niet direct gevonden wordt of als een kneuzing wordt vermoed. Maarook bij een harde zoolhoorn kan een nachtje 'pappen' het werk de volgende dag een stuk eenvoudiger maken.

Beslag
Als de ontsteking tot rust is gekomen, de wond droog en de patiënt rad is, wordt de uitgesnden holte opgevuld met watten gedrenkt in betadine of in teer. Een tijdelijk beslag met zoolwerk en teer maakt het voor veel paarden mogelijk om snel weer aan het werk te gaan.

Complicaties
Pododermatitis is lang niet altijd een spoedgeval, maar een verwaarloosde hoefzweer kan tot ernstige complicaties leiden, zoals een losse wand een hoornzuil, een ontsteking van het hoefbeen en een uitstulping van de lederhuid. Laat het zover niet komen.

Tenslotte
Zorgvuldige hoefverzorging en correct en tijdig beslag, alsmede hygiëne in de stal kunnen veel hoefzweren voorkómen.
Sommige dieren blijken vatbaarder te zijn voor pododermatitis dan andere. Mogelijk dat een slechte, erfelijk verkregen hoornkwaliteit, met name ter plaatse van de witte lijn, meer kans biedt voor indringers.

© 2017 Dierenkliniek Vrieselaar
Vissersburen 1
8531 EB Lemmer
0514 - 564433
Contact-formulier